1958

* Motto : -
* Materiaal : Gips
* Ontwerper : Jan Couwenbergh / Joop Vlak
* Aantal : ?
* Verkoopprijs : 1
* Toelichting : ?
* Bijzonderheden : ?
* Gevelplaot : ?
* Uitgegeven door : ?
* Prins : -
* Gròòtste boer : -
* Nar : -
* Liedje (65, 66, 69 & 70 waren moto & titel liedje niet gelijk) : We doen wir zot
* Componist : Boerenraod / Catherina Valente
* Drager : Niet uitgebracht
* Winnaar Liedjesfestival : Niet van toepassing

 
Papier wordt ingeruild voor gips.
Het ontwerp is dit keer ook weer van Jan Couwenbergh: een narrenkop met drie gezichten in maar liefst zeven kleuren.
Joop Vlak was verantwoordelijk voor deze creatie.
Het aantal overtrof dat van het jaar daarvoor.
Wel bleken de narrenkopjes zeer kwetsbaar, de neus brak nogal snel af.
Garantie was er niet bij en dus loste menigeen het op door er een stuk karton tegenaan te plakken.
Voor de som van Fl. 1,- waren ze in de cafés te verkrijgen.
Dit was ook het eerste jaar dat de grote veldtekens, bedoeld voor de horeca, werden gemaakt.
Barry Spekman ging de deuren af om de veldtekens persoonlijk aan de man te brengen.

In dat jaar werd burgemeester Freijters gehuldigd voor zijn 10-jarig jubileum.
Hij kreeg twee enorme kisten sigaren van Roosendaalse bodem aangeboden.
Leutvorst van dat jaar, Prins Driek I, huldigde de burgervader met een kunstig in koper geslagen veldteken en de sprak de woorden: “mee aarstikke veul daank vor al wat ie aon seriejeus en leutigs ee gedaon”…